Allereerst was daar de Landelijke Makelaars Vereniging (LMV). Volgens deze club is de huizenprijs het afgelopen kwartaal in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar met 2,8 procent gestegen.

Geen gunstig voorteken, vindt de LMV. De inflatie bedroeg in het tweede kwartaal 2,3 procent. Na correctie voor inflatie blijft er nog maar een reële waardestijging over van 0,5 procent, schrijft de LMV.

De gemiddelde prijs van een verkochte woning kwam volgens de LMV in het tweede kwartaal uit op 252.750 euro.

Een dag later kwam de veel grotere makelaarsvereniging NVM met voorlopige cijfers. Volgens deze Vereniging kwam de gemiddelde prijs van een verkochte woning in het tweede kwartaal uit op 244.000 euro en was de gemiddelde woningprijs 3,2 procent hoger dan een jaar eerder.

(Z24 berichtte daarop overigens dat de met veel tamtam gepresenteerde voorlopige cijfers van de NVM stelselmatig positiever zijn dan de in stilte gepubliceerde definitieve cijfers.)

Volgens de de NVM bleek uit deze voorlopige cijfers dat de Nederlandse woningmarkt zich tegen het sentiment in "stabiel" ontwikkelt. Toch verwacht ook de NVM dat de groei voor heel 2008 uit zal komen op 2 procent. Dat is minder dan de verwachte inflatie.

Een paar dagen later zette het Kadaster zijn Vastgoedbericht over juni op zijn site. In juni is de woningprijs volgens het Kadaster met 2,8 procent gestegen ten opzichte van een jaar eerder. Een maand eerder was de toename nog 2,9 procent. In april nog 3,8 procent. Bereken je op basis hiervan de stijging is het tweede kwartaal dan kom je op een stijging van pak hem beet 3,2 procent.

Een gemiddelde prijs van een verkochte woning publiceerden het Kadaster en het CBS niet. In eerste instantie zegt de woordvoerder van het Kadaster dat dat is omdat dit gemiddelde niet zoveel zegt. Later zegt hij dat het Kadaster dit cijfer niet zomaar publiceert, maar deze informatie wel verkoopt.

Een van de partijen die de informatie van het Kadaster afneemt is de site Woningmarktcijfers.nl. Volgens deze club blijkt uit de cijfers van het Kadaster dat de gemiddelde koopsom in het tweede kwartaal 253.500 euro bedroeg.

De cijfers verschillen omdat de verschillende instellingen ze op een verschillende manier berekenen. De LMV extrapoleert de cijfers van het Kadaster en het CBS over de eerste twee maanden van een kwartaal op basis van de eigen verkopen naar het hele kwartaal.

Dat de cijfers afwijken van de cijfers die het CBS en het Kadaster later zelf publiceren, komt volgels de LMV doordat de LMV-makelaars vooral actief zijn buiten de Randstad. En juist daar zie je dat de woningverkopen teruglopen, zowel in aantallen als in prijs, aldus de LMV.

De NVM baseert zich voor de gemiddelde prijs op de prijzen van de woningen die door NVM-makelaars verkocht zijn. De stijging van de gemiddelde woningprijs is een stijgingspercentage dat is gecorrigeerd naar regio en type woning.

Het Kadaster baseert zich op alle bestaande koopwoningen die van eigenaar veranderd zijn. Anders dan de NVM beschouwt het Kadaster een huis echter pas als verkocht als een koopakte echt bij de notaris gepasseerd is.

De NVM telt een huis als verkocht als de ontbindende voorwaarden in het voorlopige koopcontract verlopen zijn. Volgens betrokkenen zit daar zo'n twee a drie maanden tussen. De NVM berekent een gewogen gemiddelde naar type huis en regio. Het Kadaster en het CBS gaan uit van de veranderingen van de verkoopprijs ten opzichte van de WOZ-waarde van de woningen.

Een ander verschil is dat de cijfers die de NVM en de LMV direct na een kwartaal publiceren voorlopig zijn. Het Kadaster publiceert alleen definitieve cijfers.

Ga je ervanuit dat de cijfers van het Kadaster inderdaad twee a drie maanden achterlopen op die van de NVM dan zouden ze overeen moeten komen met de definitieve cijfers van de NVM over een kwartaal eerder.

Dit klopt echter niet. Kadaster ziet in het tweede kwartaal een groei van is 3,2 en een gemiddelde prijs van 253.500. De NVM kwam in het eerste kwartaal op een groeg uit van 2,8 procent een een gemiddelde verkoopprijs van 243.000. Hoewel je zou denken dat de NVM wel hogere huizenprijzen en groeicijfers zou publiceren omdat dit een club is die belang heeft bij hoge huizenprijzen, is dit nu niet het geval. De cijfers van het Kadaster zijn positiever. Hoe dit kan? Joost mag het weten.

Het enige wat rest is te kijken naar de trend die de cijfers aangegeven. Die is omlaag. De NVM verwacht voor het hele jaar uit te komen op een groei van twee procent.

Het Kadaster en het CBS wagen zich niet aan een vooruitblijk, maar wijzen er wel op dat een prijsstijging onder de drie procent sinds begin 1996 slechts drie keer eerder is voorgekomen. Ook schrijven de twee dat de prijsstijging na februari 2008 steeds verder afzwakt. De LMV zegt zich zorgen te maken over de komende drie maanden.

Volgens alle drie daalt ook het aantal verkochte woningen. Reden genoeg dus om een vinger aan de pols te houden.

Omdat toch niemand een gemiddeld huis heeft en je in feite als particulier ook weinig hebt aan een gemiddeld groeicijfer, hoe dit ook gewogen is. Is het in het vervolg misschien beter te kijken naar hoe de prijs van een aantal specifieke huizen in een specifieke regio's zich ontwikkelt. Maar die moeten wel weer enigszins representatief zijn voor de rest van Nederland. Wordt vervolgd.