Zelden nam iemand zich zijn eigen advies zo ter harte als Fed-voorzitter Ben Bernanke. Op 21 november 2002 gaf Bernanke – toen nog gewoon lid van de Board of Governors van het Amerikaanse stelstel van Centrale Banken – een speech over deflatie en wat daar tegen te doen.
Belangrijk advies: laat de rente lang laag, en communiceer dat voornemen zo duidelijk als het maar kan. Alleen zo kan de centrale bank alle partijen in de economie ervan overtuigen dat er alles aan zal worden gedaan om een structureel dalend prijs- en loonpeil te bestrijden.
Als dat vertrouwen er is, zal de neiging om bestedingen uit te stellen afnemen. Door het sturen van de verwachtingen kunnen een deflatoire spiraal en 'Japanse toestanden' worden bestreden.
Deflatoire recessie
Toen in 2008 de kredietcrisis uitbrak en de Amerikaanse economie in een deflatoire recessie dreigde te glijden, deed de inmiddels tot voorzitter van de Federal Reserve benoemde Bernanke precies wat hij in 2002 had bedacht.
De rente ging omlaag naar bijna nul procent en aan ieder die het maar wilde horen, bezwoer hij dat de rente lang zo laag zou blijven. De Amerikaanse economie had een aantal maanden te maken met deflatie, maar eind 2009 begonnen prijzen en lonen al weer voorzichtig te stijgen. Inmiddels bedraagt de inflatie drie procent.
Maar dat is voor Bernanke geen reden om de monetaire teugels weer wat aan te trekken. Ruim drie jaar later staat de rente nog altijd op bijna nul procent. Woensdag deed de Fed er zelfs nog een flinke schep bovenop.
Toekomstige rentebesluiten
Om het publiek er nog sterker van te overtuigen dat de rente langdurig laag blijft, publiceerde de centrale bank een overzicht van wat alle leden van het beleidsbepalende comité, de FOMC, verwachten dat de rente de komende jaren gaat doen. Ze deden dus een voorspelling over hun eigen toekomstige besluiten.
Uit de gegevens blijkt dat de rente hoogstwaarschijnlijk tot eind 2013 op nul blijft. (Zie de grafiek Rentevoorspelling) Dat is de verwachting van een meerderheid van de FOMC-leden. Een flinke minderheid wil die historisch lage rente ook in 2014 laten gelden.
Als er nog iemand bang was dat de Fed het economisch herstel te vroeg in de kiem zou smoren, via agressieve renteverhoging, kan gerust zijn. Mogelijk pas in 2015 – de termijn van Bernanke zit er dan al op – gaat de rente weer richting een normaal peil.
Bang voor inflatie
Maar wie bang is voor inflatie, moet zich juist meer zorgen maken. Het zeer ruime monetaire beleid kan in potentie leiden tot enorme prijsstijgingen, als teveel geld op zoek gaat naar te weinig producten.
Op dit moment is hiervan nog geen sprake. De hoge werkloosheid, de overcapaciteit in productie en het geringe vertrouwen bij consumenten en producenten maken een gierende inflatie op korte termijn onwaarschijnlijk. Maar niets in het beleid van de Fed laat zien dat men op iets langere termijn, als de werkloosheid mogelijk een stuk lager is, wel met hoge inflatie rekening houdt.
Het idee is dat de Fed de ruime beschikbaaarheid van geld, die door het ruime monetaire beleid wordt gecreëerd, weer snel kan opdweilen.
Door de opkoopprogramma's van de laatste jaren, ligt de bankkluis vol staatsobligaties en andere effecten. Door die snel te verkopen op de markt, kan de Fed de geldhoeveelheid desgewenst snel verlagen.
Dat is althans de theorie. In de praktijk is dat nog nooit op deze schaal geprobeerd. Fingers crossed.
Risicovolle zeepbellen
Zelfs als het lukt, is er nog een ander gevaar. De jarenlange, lage rente van de Fed verstoort besluitvorming van beleggers. Risicoloos beleggen en sparen is kunstmatig onrendabel. Wie rendement wil maken, moet op zoek naar risico. Nieuwe zeepbellen in risicovolle beleggingen zijn daarom te vrezen.
Zo ging het ook eind jaren negentig, toen de Fed na de Azië-crisis en het failliet van beleggingsfonds LTCM uit angst voor deflatie de rente fors verlaagde, en zo de dotcom-bubble verder opblies.
Na de aanslagen van 9/11 en de inval in Irak, moest de rente weer omlaag om deflatie te voorkomen en ontstond er een zeepbel op de huizen- en hypotheekmarkt. Deflatie kwam er telkens niet. Een financiële crisis wel.
Lees ook:
