Bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gaat nauwkeurigheid voor snelheid. Het is al heel wat dat het CBS al op 15 mei de eerste raming van de economische groei in het eerste kwartaal van dit jaar, naar buiten zal brengen.
Maar ten tijde van crisis is anderhalve maand wachten toch erg lang. Volgens het Centraal Planbureau (CPB) wordt 2009 met een economische krimp van 3,5 procent het slechtste jaar sinds 1931. Sommige economen vinden dit een te sombere voorspelling. Anderen vinden het nog een te optimistisch percentage.
De economische 'groei' in het eerste kwartaal is juist daarom zo belangrijk. Het is de eerste indicatie of het CPB te hoog of te laag zit.
Productiekant economie
Voor wie – net als ik – niet kan wachten op het officiële cijfer, hier een poging om diepte van de economische terugval in het eerste kwartaal te peilen. Er zijn voor januari en februari al een aantal belangrijke indicatoren bekend gemaakt. Met wat statistische technieken en een gezonde dosis goede wil, valt daar al een beeld uit te destilleren.
Allereerst kunnen we naar de productiekant van de economie kijken. Het bruto binnenlands product (bbp) is de optelsom van de toegevoegde waarde van iedere economische sector.
Van slechts enkele sectoren houdt het CBS op maandbasis productiegegevens bij. Daarvan is de industrie de belangrijkste. Als de industrie hapert, gaat het ook in veel andere sectoren slecht.
Enorme teruggang Industrie
In januari en februari van 2009 daalde de industriële productie fors. Verondersteld dat de productie in maart gelijk was aan die van februari, produceerde de industrie in het eerste kwartaal 11,6 procent minder dan in het vierde kwartaal van 2008.
Wat zegt die enorme teruggang in de industrie voor de economie als geheel? Als we het verleden als richtinggevend mogen beschouwen, vertaalt 11,6 procent lagere productie zich in een economische krimp van 2,1 procent op kwartaalbasis. Dat blijkt althans uit een simpele lineaire regressie met cijfers sinds 1995.
Als deze voorspelling klopt, dan hebben we in het eerste kwartaal al twee derde van de totaal voorspelde krimp over heel 2009 te pakken. De economie moet zich wel heel snel herstellen, wil de CPB-prognose dan nog uitkomen.
Bestedingen onderuit
Je kunt de economische krimp ook via een andere weg schatten. Het bbp is in principe gelijk aan de totale bestedingen in Nederland, minus de import. Alles wat we kopen is immers geïmporteerd of in Nederland gemaakt.
Economische groei en krimp is dus gelijk aan de toe- en afname van de som van consumptie, investeringen, overheidsbestedingen en de export, min de import. Schat al deze bestedingscategorieën, en je hebt een aardige raming van de krimp in het eerste kwartaal.
Allereerst de consumptie: totaalcijfers zijn er nog niet, maar we hebben wel de winkelomzetten van januari en februari. Die waren fors lager dan een jaar eerder. Als maart net zo slecht was als februari, komt de omzet in de detailhandel in het eerste kwartaal 9 procent lager uit.
Uitgaande van cijfers sinds 2000, komt zo’n daling van de winkelverkopen overeen met een afname van de consumptie met 6,5 procent. Dat hakt er meteen fors in. Door de lagere consumptie valt het bbp maar liefst 2,9 procent lager uit.
Afname investeringen
Over de investeringen zijn ook nog geen harde cijfers voorhanden, maar we hebben wel het producentenvertrouwen, dat in februari het laagste peil ooit bereikte, en in maart weer iets opkrabbelde.
Op basis van de relatie tussen producentenvertrouwen en investeringen in de afgelopen twintig jaar, impliceren de vertrouwenscijfers een afname van de investeringen van 2,9 procent. Dat zorgt voor een half procent lager bbp.
Dan de overheidsbestedingen. Over het stimuleringspakket was in het eerste kwartaal nog niet besloten. Evenmin als over bezuinigingen. Vandaar de aanname dat de overheidsbestedingen in het eerste kwartaal niet veranderden, dus ook geen negatieve op positieve invloed hadden op het bbp.
De export ging wel fors omlaag. Als maart net zo slecht was als februari, bedroeg de afname maar liefst 13 procent. Op zich zou dat een enorme afname van het bbp ten gevolg hebben, Maar ook de import stortte in, 14,7 procent.
Omdat Nederland iets meer uit- dan invoert, valt de daling van export en import vrijwel tegen elkaar weg. Het netto effect op het bbp is dan ook nihil.
In totaal bedroeg de economische krimp op basis van deze schatting dus 3,4 procent. Dat wil zeggen: in het eerste kwartaal van 2009 lag het bbp 3,4 procent lager dan in het laatste kwartaal van 2008. De door het CPB voorspelde krimp voor heel 2009 zou dan al in één kwartaal gerealiseerd zijn.
Afschrikwekkende percentages
Twee schattingen van de kwartaalkrimp. De eerste komt uit op 2,1 procent krimp, de andere op 3,4 procent. Beide percentages zijn behoorlijk afschrikwekkend, en zijn nog een stuk somberder dan de pessimistische CPB-voorspelling.
Gelukkig zijn dit ruwe schattingen. Laten we hopen dat op 15 mei blijkt dat mijn sommetjes er faliekant naast zaten.
