Werkgevers die om bedrijfseconomische redenen personeel willen ontslaan, mogen niet zomaar degenen ontslaan die ze het liefste kwijt willen. Ze moeten zich houden aan het zogenoemde afspiegelingsbeginsel.

Dit houdt in dat werknemers per functiegroep worden ingedeeld in de leeftijdscategorieën 15 tot 25 jaar, 25 tot 35 jaar, 35 tot 45 jaar, 45 tot 55 jaar en 55 jaar en ouder. Binnen de groepen die dit oplevert, vliegen degenen die er het laatst zijn bijgekomen eruit.

Aantoonbaar uniek
Werknemers die aantoonbaar uniek zijn, kunnen wel nog onmisbaar worden verklaard. Zij ontspringen dan de dans. Maar in de praktijk gaat dit niet heel makkelijk. Hiervoor moet iemand echt iets kunnen, wat alle anderen niet kunnen. Het kan dus gebeuren dat een werkgever die wil afslanken mensen moet ontslaan die hij liever had gehouden.

Geen goede zaak, vindt de Tweede Kamer en dus vroeg zij het kabinet in een motie werkgevers beter in staat te stellen "essentiële vakkennis" te behouden. Dit zou moeten gebeuren door het onmisbaarheidscriterium zo aan te passen dat rekening kan worden gehouden met "de kennis en competenties" van werknemers.

Binnenkort - waarschijnlijk vanaf 1 augustus - worden de regels daarom nu tijdelijk aangepast. In plaats van eerst te kijken wie er volgens het afspiegelingsbeginsel uit zouden moeten vliegen en daarna te kijken of dit geen mensen treft die onmisbaar zijn, wordt het proces straks omgedraaid, legt een woordvoerder van minister Donner van Sociale Zaken toe.

Belangrijk voor de toekomst
Bedrijven maken eerst een lijst van mensen die "echt belangrijk zijn voor het bedrijf als de economie weer aantrekt". Dit is een ruimere invulling van het begrip 'onmisbaar'. Ondernemingen mogen hier zelf de criteria voor opstellen, maar het UWV toetst de criteria wel. Om het criterium überhaupt te mogen toepassen, moet een bedrijf wel ook kunnen aantonen dat het in het verleden een goed personeelsbeleid heeft gevoerd.

Pas nadat deze "onmisbare" mensen zijn aangewezen, wordt op de rest van het personeel het afspiegelingsbeginsel toegepast.

Om te voorkomen dat zo alleen nog jongeren en ouderen worden ontslagen komt wel in de regeling te staan dat op deze manier niet meer dan 10 procent jongeren of 10 procent ouderen worden ontslagen dan zonder toepassing van het verruimde criterium het geval zou zijn.

Maar hoe het ook zij, door meer nadruk te leggen op welke mensen een bedrijf wil behouden, krijgen bedrijven inderdaad meer mogelijkheden te selecteren op kwaliteit, bevestigt de woordvoerder van Sociale Zaken.

Genuanceerder
Werkgevers willen dit al jaren. Het klinkt ook heel logisch. Waarom zou je als je moet reorganiseren niet gewoon de werknemers mogen ontslaan waarover je het minst tevreden bent? Toch ligt het wat genuanceerder.

De regels voor ontslag om bedrijfseconomische redenen gaan er vanuit dat alle werknemers even goed functioneren. Als dit niet zo was, dan had een werkgever hier namelijk iets aan moeten doen, dan had hij ze moeten scholen bijvoorbeeld, legt Evert Verhulp, hoogleraar arbeidsrecht verbonden aan de universiteit van Amsterdam uit.

Als een werknemer dan na alle inspanningen van de werkgever om hem goed te laten functioneren, nog steeds niet goed functioneerde, dan had de werkgever hem moeten ontslaan wegens disfunctioneren. Dat kan. Dan had hij een dossier moeten opbouwen en daarmee naar de rechter moeten gaan.

Dat maar weinig werkgevers dat doen, is hun eigen verantwoordelijkheid. Maar dan moeten ze nu dus niet een ontslag om bedrijfseconomische redenen aangrijpen om van hun slecht functionerende personeel af te komen. Ze hadden hun zaakjes simpelweg eerder voor elkaar moeten hebben en geen slecht functionerende werknemers moeten hebben.

Opvijzeltijd
Wil je wel op kwaliteit selecteren, dan zou in ieder geval ruim van te voren duidelijk moeten zijn op basis waarvan precies geselecteerd gaat worden (zodat niet alle ouderen en moeders met kinderen eruit vliegen en alle vriendjes van de baas mogen blijven).

Ook moeten werknemers die dat willen de tijd krijgen om aan de criteria te gaan voldoen. Ga je selecteren op basis van wie er het beste Frans spreekt, dan moeten werknemers die deze taal niet dagelijks spreken de tijd krijgen hun Frans op te vijzelen. Geef je ze die, dan is het redelijk daarna de besten te kiezen, aldus Verhulp.

Deze tijd is er in tijden van crisis alleen niet. De vraag is nu dus of je werkgevers nu wel de mogelijkheid moet geven enkel hun slechtste werknemers te ontslaan, terwijl ze in principe hadden moeten voorkomen dat ze überhaupt slechte werknemers hebben.

De regeling waarin het onmisbaarheidscriterium wordt aangepast is nog niet helemaal klaar en daarom nog niet openbaar. Het ministerie streeft er echter naar de regeling deze week af te maken.