"Een 100 meter-loper moet in aanloop naar de Olympische Spelen de afstand in vier jaar ongeveer tien keer onder de tien seconden lopen. Om die tien keer wordt het hele trainingsschema gebouwd, met perioden van opbouw en minstens zo belangrijk, perioden van herstel. Op die manier zijn wij naar het bedrijfsleven gaan kijken, want daar moet men ook continue topprestaties leveren", vertelt Mikkel Hofstee, directeur van gezondheidsmanagementbureau Lifeguard.

De Lifeguard Academy, een joint venture met Mentally Fit die de inhoudelijke kant verzorgde, begeleidde vorig jaar de partners van Ernst & Young in het Top Performer Program. Hierbij werden principes uit de topsport vertaald naar het bedrijfsleven. Centraal stond het managen van energie.

Intensief programma
De 24 Ernst & Young partners uit alle disciplines van het bedrijf, werden vijf maanden lang gevolgd. Eerst kregen ze een lichamelijk onderzoek naar hun mentale, emotionele en fysieke vermogen. Lifeguard Academy zorgde de hele periode voor begeleiding op het gebied van energiemanagement. Na afloop werden de deelnemers opnieuw onderzocht.

Na afronding van het programma bleken de deelnemers fitter, minder vermoeid. Zij vonden zichzelf competenter en zeiden dat de werk minder van invloed was op de thuissituatie. Ook besteedden de deelnemers minder tijd aan onproductieve mails. Ernst & Young presenteert de resultaten woensdag op het congres van het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen.

Rol energiemanagement
Energiemanagement is het stimuleren van ogenschijnlijk simpele rituelen, die werknemers helpen om hun energie regelmatig aan te vullen, zo stelt Tony Schwartz, schrijver van diverse boeken over energiemanagement in de Harvard Business Review.

Langer werken werkt niet, omdat tijd schaars is. Maar door energie efficiënter te managen bouwen organisaties aan de fysieke, emotionele en mentale weerstand van hun werknemers. Dit wordt gedaan door het doorbreken van ingesleten gewoontes en ze te vervangen door gezondere rituelen.

"Als je kijkt naar een tennisser als Nadal, dan staat hij bol van de rituelen. Hij stuitert zijn bal zes keer voordat hij serveert, bij een verloren punt wisselt hij even zijn racket van hand. Ook in het bedrijfsleven zijn er rituelen, maar veel ervan zijn slecht voor je energieniveau. Voorbeelden zijn het voor je naar bed gaat, nog even je mail checken, altijd je Blackberry aan hebben staan of als je moe thuis komt de hele avond op de bank gaan liggen", vertelt Hofstee van Lifeguard.

"We hebben inzichtelijk gemaakt wat de effecten zijn van dat gedrag en hoe het anders kan."

Niet bedrijfsfitness
Hofstee is stellig: Het gaat hier niet om een bedrijfsfitness-programma. Bewegen staat niet centraal. Het belangrijkste was om mensen bewust te maken van de rol die je lichaam speelt in het leveren van topprestaties. "Het is onmogelijk om de lichamelijke component los te zien van de geestelijke. Stress ontstaat bijvoorbeeld vanuit de hersenen, daar wordt een stofje aangemaakt en dat speelt dan weer door in je lijf."

Doel was om de deelnemers bewust te maken van het effect dat hun lichamelijke toestand had op de eigen prestaties.

Wetenschappelijke inzichten werden gebruikt om dit duidelijk te maken. Bijvoorbeeld over het drinken van koffie. Cafeïne bevordert de productie van dopamine, die het functioneren van het brein bevordert. Een kop koffie werkt dus echt. Maar met mate.

Maximale koffieconsumptie
Want uit onderzoek blijkt dat vanaf een consumptie van 300 milligram cafeïne, wat neerkomt op drie koppen koffie, de dopamine de geest begint te drogeren en de werkelijkheid rooskleuriger voordoet dan deze is. Bij veelvuldig gebruik, vijf tot zes koppen koffie, treden lichamelijke verslavingsverschijnselen op. Wanneer het effect van de dopamine afneemt word je meer gestresst en zwaarmoedig.

Partner Andrea Vogel schroefde daarop haar koffieconsumptie terug van twintig tot slechts drie koppen per dag. Bestuurslid Gijs de Vries lukte dat helaas niet, na drie maanden was de verleiding tot de vierde kop te groot.

Nooit burn-out
Wat hem wel tot verandering aanspoorde, was het statistische bewijs dat mensen die drie keer in de week een uur sporten en minimaal zes uur per nacht slapen, nooit een burn-out krijgen. Voor De Vries reden om in plaats van twee nu drie keer in de week te gaan trainen.

"Wat er verteld werd, was niet echt nieuw. Je weet het allemaal wel, maar het feit dat het wetenschappelijk onderbouwd werd, helpt om de veranderingen door te voeren", vertelt De Vries. "Iedereen kent wel het gezegde dat bij slaap de uren voor middernacht dubbel tellen. Maar als je kijkt naar de melatonine-aanmaak in je lichaam, blijkt dat ook echt zo te zijn."

Wetenschappelijke aanpak
Volgens Hofstee is die wetenschappelijke aanpak een van de sleutels naar gedragsverandering: "Juist het meetbaar maken van het gedrag, maakt dat het werkt. Anders zit je teveel in de softe, en ook wat betuttelende hoek. Nu kan je heel duidelijk laten zien wat een gedragsverandering oplevert."

"Dat zorgt er ook voor dat mensen het voor zichzelf kunnen verantwoorden, dat een wandelingetje na de lunch geen tijdverspilling is", aldus Hofstee.