Na de introductie van fluoride in tandpasta, eind jaren zeventig, is het gemiddelde Nederlandse gebit in hoog tempo beter geworden. Tot op hoge leeftijd behouden Nederlanders nu hun eigen gebit.

Verval
Deze vooruitgang betekent echter groot verval voor de kunstgebittenbranche. In 1981 had bijna eenderde van de Nederlandse bevolking ouder dan zestien jaar een volledig kunstgebit.

In 2008 was dat nog maar 12 procent. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

De vergrijzing heeft de totale ineenstorting van de vraag naar kunstgebitten nog enigszins kunnen redden. Er komen relatief steeds meer ouderen, en ouderen gebruiken vaker een gebitsprothese dan jongeren.

Halvering
Exacte, absolute aantallen van kunstgebitten in Nederland zijn niet voor handen. Een schatting op basis van CBS-cijfers, die rekening houdt met de bevolkingsgroei en de vergrijzing, laat echter zien dat in 1981 ongeveer 3 miljoen volwassenen met een kunstgebit rondliepen. In 2008 waren dat er nog maar iets meer dan 1,5 miljoen.

Dank aan fluoride
"Gebitten zijn snel beter geworden sinds fluoridetandpasta in 1976 op de markt is verschenen", vertelt Cor van Loveren, hoogleraar preventieve tandheelkunde. "Voor die tijd werd een kunstgebit ook gezien als enige oplossing. Er zijn zelfs verhalen dat mensen als huwelijkscadeau al een kunstgebit kregen."

Hoewel er altijd wel een deel van de bevolking een kunstgebit zal hebben, zal dat aandeel vermoedelijk nog verder krimpen. In de CBS-cijfers is te zien dat in jongere leeftijdscategorieën het percentage mensen met een 'gebitje' snel is teruggelopen. Ook mensen die het pre-fluoridetandpasta hebben meegemaakt, gebruiken steeds minder kunstgebitten, maar die afname is wel minder hard gegaan.

Totdat alle Nederlanders vanaf hun jeugd met fluoridetandpasta hebben gepoetst, is een verdere afname aannemelijk.

Klappen opvangen
De kunstgebittenbranche heeft de neergang van het kunstgebit, in ieder geval deels, weten op te vangen.

Tandartsen en klinieken die kunstgebitten aanmeten, besteden steeds meer tijd aan implantaten en deelprotheses. Gehele gebitten hoeven dan vaak niet meer vervangen te worden, losse tanden nog wel. Van Loveren: "Je ziet duidelijk een verschuiving van kunstgebieden naar implantaten."

Kater voor Kukident
Ook producenten van kleefpasta en schoonmaakspullen voor kunstgebitten, zoals de merken Kukident en Corega, voelen de neergang van kunstgebitten.

Kukident en Corega zijn dochterbedrijven van multinationals, van respectievelijk Procter & Gamble (P&G) en GlaxoSmithKline (GSK). Deze moederconcerns maken ook weer tandpasta's en tandenborstels. Zo heeft P&G het merk Oral B en GSK de merken Aquafresh, Sensodyne, Parodontax en Macleans.

Dit zijn weer substitutiegoederen voor de bijproducten van kunstgebitten. Mensen hebben minder kunstgebitten nodig, maar maken daarom wel weer meer gebruik van tandpasta en tandenborstel om hun, echte, tanden schoon te houden.