De piekprijs van 96 dollar die ruwe olie woensdag bereikte, slaat op de beste Amerikaanse olie die er is. Die olie verschilt wezenlijk van andere soorten uit Mexico, het Midden-Oosten en de Noordzee.

Ruwe olie, de basisgrondstof voor motorbrandstoffen zoals diesel, benzine en kerosine, gaat over de toonbank in vaten van 159 liter, een zogenoemde barrel. Dat is zo ongeveer het enige kenmerk dat verschillende oliesoorten gemeen hebben. Welke verschillen zijn er?

- Zoet en zuur

De prijs van verschillende oliesoorten wordt mede bepaald door het zwavelgehalte. Hoe minder zwavel, des te hoogwaardiger de olie. Dan hoeft er in raffinaderijen namelijk minder bewerking plaats te vinden om het zwavelgehalte te reduceren. In jargon: sweet oil - zoete, laagzwavelige olie - is meer waard dan sour oil (zure, hoogzwavelige olie).

- Licht en zwaar

Tweede kwaliteitspunt is het gemak waarmee ruwe olie is om te zetten in brandstoffen zoals benzine en diesel. Bij zogenoemde zware olie (heavy oil), is dat lastiger dan bij lichte olie (light oil). Laatstgenoemde is daarom meer waard.

- Van West Texas tot Maya

Hoge kwaliteit is dus zoet en licht, sweet light zoals de specialisten zeggen. Meest genoemde variant is de Amerikaanse soort West Texas Intermediate (WTI). De prijs van deze olie is doorgaans een paar dollar hoger dan die van Brent-olie uit de Noordzee.

Weer lager op de kwalitatieve schaal vind je zware, zure soorten - heavy sour - uit onder meer het Arabische schiereiland en Mexico. Het prijsverschil tussen bijvoorbeeld West Texas-olie en Maya, een mengeling van zware oliesoorten uit Mexico, bedraagt ruim tien dollar.

- Puike olie wordt schaars

Het onderscheid tussen lichte en zware oliesoorten wordt steeds belangrijker. Midden jaren negentig bedroeg het verschil tussen WTI en Maya slechts één tot twee dollar. Dat hoogwaardige olie veel duurder is geworden, heeft alles te maken met toenemende schaarste. In de Verenigde Staten en de Noordzee nemen de olievoorraden langzaam maar zeker af. De resterende mondiale oliereserves zitten veelal in gebieden waar voornamelijk zware olie in de grond zit.

- Raffinage

Niet elke raffinaderij kan zwaardere oliesoorten omzetten in benzine en diesel. Tot het midden van de jaren negentig was er geen probleem, omdat er hoogwaardige olie in overvloed was. Energieconcerns investeerden dan ook weinig in modernisering van hun raffinaderijen. Inmiddels is er een tekort aan raffinaderijen die de zwaardere oliesoorten makkelijk kunnen verwerken, juist nu er minder lichte en meer zware olie op de markt komt.

- Olie nu of later

Op de oliemarkt speelt ook de levertijd een grote rol in de prijsbepaling. De prijs van olie die direct beschikbaar is, komt tot stand op zogenoemde spot-markten. Daarnaast handelen kopers en verkopers op termijnmarkten in contracten voor de levering van ruwe olie over één, twee of meer maanden. De prijs van die contracten kan verschillen.

- Tijd is geld

Handelaren spreken van een normale marktsituatie als olie die later wordt geleverd, duurder is dan olie die per direct beschikbaar is. De prijs van een driemaandscontract is dan hoger dan de spotprijs. Idee is dat in de termijnprijs onder meer rente-kosten zitten verwerkt voor de opslag van later te leveren olie.

Soms is de prijs van later beschikbare olie lager dan die van direct leverbare olie. In dat geval gokken speculanten erop dat de olieprijs daalt.

- Een maand vooruit

Om nieuwsgebruikers niet al te zeer te vermoeien, gebruiken Amerikaanse media meestal de prijs van West Texas Intermediate-olie, voor het termijncontract dat voorziet in levering over één maand. Dat is dé olieprijs, al gaat het om olie die steeds schaarser wordt en noemen Europese media ook graag de prijs van de eigen Noordzee-olie.