Dat stelt onderzoeksjournalist Jeroen Smit, die een reconstructie maakte van de val van ABN Amro. Vijf vragen aan de auteur van het boek De Prooi, dat vanmiddag in Amsterdam wordt gepresenteerd.

Hoogmoed komt voor de val?

"Bij de bank heerste altijd de perceptie 'Big is beautiful'. Topman Rijkman Groenink stelde ooit: 'Het zit in de genen van de bank om te groeien'. Zomaar een bank was niet genoeg, het moest dé bank worden. Op wereldschaal betekende dat een beurswaarde van honderd miljard euro. In 2006 groeide bij de top het besef dat de bank er zelf niet in slaagde om een mega-overname rond te krijgen. Toen gooide men feitelijk de handdoek in de ring met de erkenning dat de bank alleen toekomst had als ze bij een grotere bank onderdak vond. Dat ABN Amro zou worden verkocht en opgesplitst, was een enorme klap."

In hoeverre was het management verantwoordelijk voor de ondergang?

"Er zijn twee verantwoordelijken: de bestuurstop en de raad van commissarissen. Het management was verwikkeld in een eindeloze reeks conflicten omdat de geformuleerde doelstellingen maar niet behaald werden. Daarvoor is de raad van bestuur verantwoordelijk, met de topman als eindverantwoordelijke. Maar bij zoveel conflicten en gezeur is er ook een verantwoordelijkheid voor de raad van commissarissen. Op sommige momenten had die in moeten grijpen. Bijvoorbeeld in 2005, toen de Amerikaanse justitie een strafrechtelijk onderzoek instelde naar de rol van Rijkman Groenink bij een affaire rond een ABN-filiaal in Dubai. Dat gebeurde niet."

Heeft ABN Amro nog toekomst?

"De bank zoals die nu is, is vergelijkbaar met een Friesland Bank. Het is een nationale bank, alle kennis en vestigingen in het buitenland zijn weg. Ik kan me niet voorstellen dat de bank op zichzelf overeind kan blijven. De klanten missen een internationaal netwerk en kennis. De bank zal dit op korte termijn moeten leveren, ze zullen dus met een andere bank moeten samengaan of worden overgenomen. Aangezien de minister de belastingbetaler heeft beloofd dat er op de transactie verdiend gaat worden, lijkt me een overname door een buitenlandse partij het meest voor de hand liggend."

Geen Hollandse kampioen, zoals DNB-president Wellink graag wilde?

"Die slag heeft Wellink verloren. Hij droomde eind jaren negentig al van een grote fusiebank. Later vonden er ook gesprekken plaats, maar de banken durfden het niet aan. Eerst lag ABN Amro dwars, toen deed ING moeilijk. Nu is het te laat. ABN Amro zoals het was, is niet meer. ABN is heel sterk in Nederland. Voor een buitenlandse partij die hier nog klein is, is dat een aantrekkelijke partner. Als ING de bank zou overnemen zou er teveel overlap zijn."

En zelfstandig verder, is dat nog een optie?

"Als de bank zelfstandig wil overleven, heeft ze snel een internationaal netwerk nodig. Binnen de bank wordt er wel gefantaseerd: dat minister Bos als een investment banker de internationale tak gaat terugkopen van Royal Bank of Scotland. Dan kan ook het RBS-naambordje weer van de gevel. Maar ik kan me niet voorstellen dat de Tweede Kamer daarmee akkoord zou gaan. Dat de overheid de bank op eigen houtje gaat reconstrueren."