Vijf auto's een speedboot en een motor staan stof te vergaren in een loods in Noord-Scharwoude. Sommige pas een paar weken, een Ford Focus al twee maanden. Ze blijven daar staan tot hun eigenaar het geld kan opbrengen om ze terug te krijgen. Of als dat niet lukt, tot ze doorverkocht worden.
De loods is eigendom van Money4wheels, een pandhuis voor auto's. Het verpanden van een auto werkt vergelijkbaar als het verpanden van andere goederen.
Particulieren die direct geld nodig hebben kunnen hun auto verpanden. Op papier verkoopt de eigenaar de auto voor ongeveer zestig procent van de waarde aan Money4wheels. Dit bedrag krijgen ze direct uitgekeerd. Geen controle bij BKR of een andere financiële instelling.
Bij het verkoopcontract zit een terugkoopclausule. Na een maand kan de eigenaar zijn auto terugkopen voor hetzelfde bedrag plus stallingskosten. Deze variëren van vijf tot tien procent van de uitgekeerde waarde per maand. Op jaarbasis komt dit neer op zestig tot 120 procent.
De bijna tien jaar oude Lancia Delta die nu in de loods staat is van een ondernemer. Een kleine zelfstandige die zijn rekeningen niet meer kon betalen. De auto staat er nu drie weken. De Graaf gaf hem er 1.500 euro voor. Per maand betaalt de schilder 150 euro, een stallingspercentage van tien procent.
Tom de Graaf, eigenaar van Money4wheels spreekt van stallingskosten, niet van rente: "Bij een rente is er sprake van een lening, hier is niets geleend. Wij kopen de auto van een klant, en geven hem het recht om zijn auto binnen een maand terug te kopen."
Heeft de eigenaar na een maand het geld niet bij elkaar, dan kan deze het contract met een maand verlengen. Hij betaalt dan alleen de stallingskosten. Kan de eigenaar het bedrag uiteindelijk niet bij elkaar krijgen, dan wordt de auto, caravan, motor of boot eigendom van Money4wheels.
Volgens De Graaf zijn het vooral ondernemers die hun eigendommen bij hem verpanden. "Die hebben dan facturen uitstaan die nog niet betaald zijn, terwijl zij ook hun eigen rekeningen of de belastingdienst moeten betalen. Ze verpanden dan vaak de auto van hun vrouw, want de bedrijfsauto hebben ze nodig voor de zaak."
Hoeveel stallingskosten een eigenaar moet betalen is afhankelijk van de auto. "Als het een auto is die ik makkelijk kan doorverkopen, vraag ik vijf procent, een moeilijke auto zoals bijvoorbeeld de Lancia of een BMW uit de 5-serie, gaat eerder richting de tien procent."
De Graaf is een jaar geleden gestart met het Money4wheels. Per maand brengen gemiddeld vijf mensen hun auto naar hem toe. Winst maakt hij er nog niet mee, dan moeten er ongeveer tien auto's per maand binnen komen. Zorgen maakt hij zich daarover niet: "Het is nog relatief nieuw in Nederland om je auto te belenen, in landen als de VS of Groot Brittannië is het heel normaal."
"Mensen schamen zich nog vaak als ze hun auto moeten belenen. Pas als mensen het geld écht nodig hebben, nemen ze dit soort maatregelen. Een auto is vaak een laatste stap. Kijk, een ketting of oorbellen, dat ziet niemand. Maar als je ineens geen auto meer voor de deur hebt staan, gaan de buren vragen stellen," legt De Graaf uit.
De Graaf kan nog niet leven van het belenen van auto's. Hij doet het naast de Pandhuisgroep, zijn bedrijf in Alkmaar dat spullen beleent. Van koelkasten tot televisies, sieraden en mobiele telefoons.
Hoeveel van dit soort pandhuizen in Nederland staan, is niet bekend. Nederland telt twee gemeentelijke instellingen in Den Haag en Amsterdam. Maar het aantal particuliere pandjeshuizen neemt de laatste paar jaar toe.
Bij de Kamer van Koophandel stonden in 2002 tien pandhuizen geregistreerd, in 2007 waren dit er zestien. Maar de gegevens van de KvK zijn niet betrouwbaar omdat veel pandhuizen niet als zodanig staan geregistreerd. Ze kunnen ook ingeschreven staan als tweedehandswinkel of groothandel.
Ger Jaarsma, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Kredietverstrekker, de NVVK ziet de laatste paar jaar een grote toename van dit soort pandjeshuizen."Tien jaar geleden zijn de vrije jongens ermee begonnen, nu schieten ze als paddenstoelen uit de grond."
Iedereen kan een pandjeshuis beginnen, er zijn geen vergunningen voor nodig. Volgens Tom de Graaf moet je als ondernemer genoeg geld hebben. Wettelijke controle is er niet.
De enige wet-en regelgeving over pandhuizen, waar Money4wheels ook onder valt, is de Pandhuiswet uit 1910. Maar deze wet, onder meer ontworpen om woekerrentes tegen te gaan, is alleen van toepassing op bedrijven die spullen belenen tot een waarde van vijfentwintig gulden, dat is nu 11,34 euro. Geen enkel pandhuis valt hieronder.
De wet wordt nu herzien. In de loop van 2008 moet het maximum bedrag worden geschrapt, het bereik van de wet moet worden vergroot en er zijn voorstellen om een maximaal rentetarief in te stellen. In 2010 moet de herziening afgerond zijn.
Maar volgens Jaarsma lost herziening van de wet de problemen niet op: "Hiermee haal je de cowboys niet van de markt. Als bedrijven niet ingeschreven staan als pandhuis, vallen ze niet onder de wet. Ook blijft in- en verkopen van goederen vrij."
Jaarsma noemt het fenomeen van auto's verpanden pure oplichterij: "Het is van God los. Deze bedrijven maken misbruik van de financiële situatie van de klant."
De Graaf vindt niet dat hij misbruik maakt van de financiële ellende van anderen: "Als ik het niet doe, doet iemand anders het wel. Ik vervul een sociale hulpfunctie, dankzij mij kunnen mensen hun rekeningen betalen of in hun huis blijven wonen."
