Tom van de Mosselaar, directeur verkoop van Scania Beers, geeft toe dat aan de orderintake af te lezen is dat de transportsector kampt met een slecht economisch klimaat, maar hij wijst er wel op dat de orderintake van de afgelopen periode een vertekend beeld geeft van hoe het bedrijf ervoor staat.

De man die dagelijks op het hoofdkantoor van Scania Benelux in Breda werkt, kwam speciaal voor een rondleiding over naar Zwolle.

De fabriek in Zwolle draait vijf dagen per week van zes uur 's ochtends tot elf uur 's avonds. In totaal telt de fabriek 1500 arbeidsplaatsen.

Het productieproces wordt continue verbeterd, waarbij er tijdens het productieproces enkele rustmomenten zijn, waarbij tussentijds de kwaliteit wordt gecontroleerd en gegarandeerd. Speciale voertuigen worden hierdoor dagelijks samengesteld op basis van standaard-onderdelen.

Deze manier van werken is door Scania overgenomen van de Japanse autoproducent Toyota, de zogeheten Toyota Way.

Veranderingen in de productie worden doorgaans door werknemers zelf bedacht. "Wie weet het nu beter dan de diegene die er dagelijks mee te maken heeft." Het kan hierbij om hele simpele tot grotere constructies gaan die het werken soepeler en makkelijker zou moeten maken.

Naast Zwolle zijn er in Europa nog fabrieken in het Zweedse Södertälje en in het Franse Angers met een capaciteit van 50 chassis. Daarnaast zijn er nog fabrieken in Brazilië en Argentinië. In Zwolle rollen dagelijks 139 vrachtwagens van de band.

Scania boekte het eerste halfjaar de hoogste resultaten in haar geschiedenis. De omzet steeg met 15 procent naar 4,9 miljard; het netto resultaat nam met 36 procent toe naar 587 miljoen euro. Het bedrijf leverde zo'n 40.000 vrachtwagens uit, waarvan er 2.885 naar Nederlandse bedrijven gingen.

De orderintake zag er dat eerste halfjaar minder goed uit: het orderboek kromp met een kwart tot 37.255 orders.

"Onder druk van moeilijkere marktomstandigheden en uit angst voor oplopende prijzen hebben transporteurs al vroeg hun order geplaatst. Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat de orderintake voor deze periode, dus voor het eerste halfjaar lager is dan vorig jaar in dezelfde periode," verklaart Van de Mosselaar.

"We profiteren voornamelijk van de toenemende vraag uit Rusland en Oost-Europa. De nieuwe EU-landen moeten voldoen aan de huidige milieunormen, waardoor veel oudere vrachtwagens de deur uitgaan."

Hij wijst op het grote verschil tussen DAF en Scania. "Chauffeurs zijn er doorgaans heel trots op om op een Scania te rijden. "Het imago van Scania zou dat van DAF overtreffen. Toch blijft Scania nog ruim achter op het marktaandeel van DAF in Nederland. Scania heeft in Nederland een marktaandeel van 19,2 procent tegen 30 procent voor DAF. In heel Europa claimt Scania 13,5 procent van de markt, een fractie minder dan de 14 procent van DAF.

Het afsnoepen van marktaandeel blijkt in de huidige marktomstandigheden niet makkelijk. De brandstofprijzen namen onlangs een flinke sprong, waarop Scania begin juli inspeelde met de levering van een ethanol-truck aan transportbedrijf Rotra.

Toch lijkt de levering van deze ethanol-truck, een signaal naar de politiek. De combinatie van ethanol en eventueel diesel kost in Nederland 1 euro 95. "De brandstof is zo duur omdat er zowel alcoholaccijns wordt geheven als brandstofaccijns. Dit in tegenstelling tot Duitsland waar geen accijns wordt geheven over deze brandstof.

Nederland lijkt nog helemaal niet klaar voor de massale productie en levering van alternatieve brandstof. Het is simpelweg te duur en er zijn geen pompstations voor aanwezig.

Voor 2008 voorziet het Zweedse bedrijf in Nederland een gezonde ontwikkeling, maar voor 2009 is het volgens Van de Mosselaar koffiedik kijken. "We moeten maar afwachten wat er met de olieprijs gebeurt en hoe de markt erop reageert."