Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Verbond van Verzekeraars blijkt dat vorig jaar 220 duizend werknemers een levenslooprekening hebben geopend. In totaal spaarden zij 944 miljoen euro. Per rekening gaat het dus om een gespaard bedrag van 4.300 euro. Sinds vorig jaar mogen werknemers jaarlijks maximaal twaalf procent van hun brutoloon opzij zetten om hier later onbetaald verlof mee te financieren.

Het is niet toegestaan in één jaar zowel aan een levensloopregeling als aan een spaarloonregeling mee te doen. In 2006 nam zo'n vijf procent van de werknemers deel aan de levensloopregeling. Ongeveer 43 procent van de werknemers had een spaarloonregeling. Beide regelingen zijn alleen toegankelijk voor werknemers. Zelfstandigen mogen niet meedoen.

Op spaarloonregelingen werd in 2006 in totaal 1,1 miljard euro ingelegd. Dat is twintig procent minder dan een jaar eerder. Het maximumbedrag dat je per jaar op een spaarloonregeling mag inleggen, was in 2006 613 euro. Dit betekent dat er op tenminste 1,8 miljoen spaarloonrekeningen geld werd ingelegd.