De kosten zijn berekend aan de hand van de uitgaven van het Fonds voor de Topsporter, zoals stipendia en onkostenvergoedingen, de rijksoverheid en De Lotto. Dat bedrag is gedeeld door het aantal behaalde medailles in Peking.
Per jaar gaat er 6,4 miljoen euro van het fonds rechtstreeks naar de topsporters. De sportbonden geven zelf ongeveer 63 miljoen euro uit aan topsport.
Dat geld komt van de sportbonden zelf (contributie, sponsors en privaat geld), het ministerie van VWS en De Lotto. Het ministerie financiert jaarlijks 12 procent (7,5 miljoen euro), De Lotto 16 procent (10,1 miljoen euro).
Het topsportklimaat is gezond, vinden de onderzoekers, maar ze maken zich zorgen over de teruglopende inkomsten van De Lotto en de gevolgen voor het topsportbudget.
Bij de gehandicaptensport draagt De Lotto zelfs 47 procent (1,2 miljoen euro) van het budget bij. Aangezien de topsportambities in Nederland groot zijn, vragen de onderzoekers zich af of de publieke middelen wel proportioneel zijn.
De onderzoekers zijn verder van mening dat de samenwerking tussen ministerie van VWS en NOCNSF hechter moet worden om het topsportbeleid op peil te houden.
Het is er al wel, maar moet uitgroeien tot een 'robuust' samenspel door te blijven investeren in een goede dialoog. NOCNSF-voorzitster Erica Terpstra zei in een reactie die aanbeveling van harte te onderschrijven.