Het ultieme boek over de crisis is nog niet verschenen. Maar ruim een jaar na de val van Lehman Brothers is er wel consensus over de oorzaak ervan.
Samengevat luidt die: Te veel geld en te weinig toezicht. Door de lage rente van Alan Greenspan en het falende toezicht, namen de banken enorme risico’s en zetten de kredietkraan wijd open. Toen dit kaartenhuis instortte belandde de wereld in een kredietcrisis. En door die kredietcrisis duikelden we in een diepe recessie.
Een drietal economen neemt geen genoegen met deze verklaring. Op zich klopt het verhaal wel, schrijven zij in een net verschenen artikel, maar er is ook een veel diepere oorzaak van de huidige wereldrecessie.
Op het platteland
Volgens de drie economen – twee Indiërs en een Amerikaan – is die onderliggende, drijvende factor het enorme aanbod van arbeid in Azië. Het verhaal van de kredietcrisis begint op het Chinese en Indiase platteland.
Door globalisering en digitalisering kwam in de jaren negentig het enorme arbeidspotentieel van Azië ter beschikking van de Westerse economieën. De productie verschoof naar China, veel diensten gingen naar India.
Er kwam een enorme migratie op gang van het traditionele platteland naar de snel groeiende stad. In China verdubbelde de stedelijke bevolking van 300 miljoen in 1990 tot bijna 600 miljoen in 2007.
Volgens de onderzoekers gaat het hier om een ‘schok in het arbeidsaanbod’, die zonder precedent is. Als ooit de economische geschiedenis van de huidige periode wordt opgetekend, zal deze historische arbeidsverschuiving in Azië ongetwijfeld als meest ingrijpende gebeurtenis gezien worden.
Vergelijk het met de ontdekking van Amerika eind vijftiende eeuw en de enorme gevolgen daarvan voor de Europese economieën.
Volksverhuizing
Maar wat is het verband met de kredietcrisis en de recessie? Door een combinatie van factoren zorgde de volksverhuizing in China voor overdadig krediet in de VS.
De nieuwe stedeling spaarde meer dan zijn broer die op het platteland bleef. De markt voor hypotheken en consumentenkrediet is nog niet erg ontwikkeld in China dus voor ene huis en auto moet flink worden gespaard. De nieuwe rijkdom belandde voor een flink deel in het spaarvarken.
Tegelijkertijd voerde de Chinese overheid een actief wisselkoersbeleid. De exportgroei mocht niet dalen. De Chinese fabrieken moesten blijven groeien om de nieuw aangekomen arbeiders werk te bieden.
Om de Chinese munt goedkoop te houden en de werden Chinese tegoeden massaal omgezet in dollars. Die werden vervolgens belegd op de Amerikaanse kapitaalmarkten en vormden de brandstof voor het vuurtje onder de Amerikaanse huizenmarkt.
Fatale terugkoppeling
Door die laatste stap kwam er een fatale terugkoppeling in de mondiale economie tot stand. De Amerikaanse consument kocht goedkope producten van de nieuwe fabrieken in China. De opbrengst belegden de Chinezen in de VS. Daardoor stegen de Amerikaanse vermogensprijzen, waaronder die van huizen.
De nieuwe overwaarde werd gecasht bij de hypotheekverstrekker en door de Amerikaanse consument omgezet in nog meer goedkope Chinese import. En het begon weer van voren af aan.
Wat is er nieuw aan deze analyse? Dat Amerikanen te weinig en Chinezen teveel sparen wisten we toch al? Nieuw is echter de directe link met de structurele veranderingen op de arbeidsmarkten van China en India. Zonder aandacht voor de trek van platteland naar stedelijke industrie is volgens de economen de huidige crisis niet te begrijpen.
Aanpassing doet pijn
Deze conclusie heeft ook gevolgen voor de oplossing ervan. De kredietcrisis is een symptoom, niet de ziekte. We moeten ons aanpassen aan een wereld met 300 miljoen nieuwe Chinese stedelingen en misschien wel net zoveel Indiase. Die aanpassing doet pijn.
Meer regulering voor banken en het verbieden van bonussen zal die pijn niet verminderen. Wat wel werkt is het ontwikkelen van beter werkende financiële markten in Azië zodat er de bevolking minder hoeft te sparen, en het spaargeld in de eigen economie kan worden opgenomen.
Daar hoort ook een rationeler wisselkoersbeleid bij en een duurdere Chinese munt. Alleen zo kan de wereld de aardverschuiving op de Aziatische arbeidsmarkt absorberen, zonder in een nieuwe crisis te belanden.


