Dit schrijft de ambtelijke werkgroep die zich heeft gebogen over het Openbaar Bestuur. In plaats van de 430 gemeenten die er nu zijn, zouden er dan wel 25 tot 30 supergemeenten moeten komen.
De gemeenten krijgen in deze opzet veel meer taken. Aan de ene kant krijgen de gemeenten taken die nu bij de provincies en waterschappen liggen (kunt en cultuur, jeugdzorg, regionale economie, water en verkeer en vervoer) en aan de andere kant komen er ook taken bij die nu bij het Rijk liggen (AWBZ, huurtoeslag en taken die nu bij UWV liggen). Het uitgangspunt hierbij zal moeten zijn dat alles regionaal wordt uitgevoerd, tenzij er nationale belangen moeten worden veiliggesteld, aldus het rapport.
Flink minder politici
Doe je dit dan scheelt dit een hoop gedeputeerden en gemeenteraadsleden. In plaats van de huidige 13.000 politieke ambtsdragers zijn er volgens de werkgroep dan nog maar 1.650 nodig.
Omdat er voor deze verandering een grondswetswijziging nodig is, duurt het wel even voordat dit kan zijn doorgevoerd. De structurele bezuiniging van 1,8 miljard zal dus niet al in 2015 gehaald worden.
Minder rigoureus
Voor wie niet zo rigoureus te werk wil gaan, heeft de werkgroep tevens een tweede variant opgenomen waarin de provincies blijven bestaan. Ook in deze versie wordt echter flink gesneden. Er zijn dan volgens de werkgroep nog maar vijf tot acht provincies nodig en 100 tot 150 gemeenten. Deze variant levert op den duur (ook pas na 2015) een structurele besparing van 1,45 miljard op. In plaats van 13.000 politieke ambtsdragers zijn er dan nog 5.000.
Lees ook:
Bezuinigen op zorg: specialist in loondienst
Bezuinigen op wonen: hypotheekrente en scheefwonen aanpakken


