In modekringen is de naam Jan Taminiau een begrip. De van oorsprong Tilburgse ontwerper studeerde cum laude af aan de kunstacademie in Arnhem. Hij won diverse modeprijzen en is de enige Nederlander die zijn collectie toont tijdens de haute couture fashion week in Parijs, waar showen alleen gebeurt op uitnodiging.
Een auto of een jurk
Toch heeft de 34-jarige Taminiau, die werkt vanuit zijn atelier op de Amsterdamse wallen, nog een betrekkelijk klein bereik. Per jaar maakt hij tussen de twintig en dertig outfits. Alles handgemaakt en speciaal ontworpen voor de draagster. Van die productie kan hij naar eigen zeggen prima leven en drie man personeel in dienst houden. Duur wil hij zijn jurken niet noemen; “Het is een kwestie van kiezen. Je kan een auto kopen, maar je kan dat geld ook besteden aan een jurk. Het is maar wat je belangrijk vindt.”
“De basis van mijn bedrijf is couture, ambachtelijk iets maken. Daarmee bouw je je naam op. Later kan je het dan gaan uitbouwen door er meer dingen bij te gaan doen. Bijvoorbeeld een prêt a porter collectie (een collectie die in de winkels hangt red.) en meer producten zoals bijvoorbeeld accessoires”, vertelt Taminiau.
Klaar voor schaalvergroting
Na zich zeven jaar vooral met couture bezig te zijn geweest, is Taminiau nu klaar om zijn merk, of universum zoals hij het zelf noemt, naar een nieuw plan te tillen. “De interne structuur is nu goed, we zijn vrij om de volgende stap te nemen, vergroting van schaal, een stap naar de toekomst. Ik wil het merk uitbreiden. Over twee jaar ligt het resultaat in de winkel.”
Daarvoor heeft Taminiau onder meer een vijfkoppige raad van advies in het leven geroepen die bestaat uit mensen op raad van bestuursniveau van grote Nederlandse bedrijven, maar namen geeft hij niet.
“Deze mensen hebben ervaring met het opbouwen van een merk, of het leiden van een groot bedrijf. Ze hebben verschillende expertises, zo zit er een bankdirecteur bij, een financieel directeur en mensen die verstand hebben van marketing en sales. Zij helpen mij de volgende stap te nemen. Op hun beurt vinden zij het weer leuk om betrokken te zijn bij een bedrijf waar het niet alleen maar gaat over het verkopen van zoveel mogelijk spullen. Er is echt een wisselwerking.”
Geen one-night stand
Hoe de uitbreiding er precies uit gaat zien, kan Taminiau nog niet zeggen. “De ideeën voor producten zijn er al, alleen het wanneer en hoe moet nog bepaald worden. Intern zijn we er klaar voor, nu is het nog een kwestie van het vinden van de juiste partner.” Zelf omschrijft hij die zoektocht als “dansen”. “Ik ben met verschillende partijen in gesprek. Het mag geen one night stand zijn, het moet een partner zijn waar ik als het ware mee zou willen trouwen.”
Al eerder deed Taminiau projecten naast zijn couturelijn. Zo ontwierp hij twee collecties voor Claudia Sträter en experimenteerde hij vorig jaar met een een direct verkoopbare collectie. “Die collectie was een soort oefening. Hoe doe je dat, een een prêt a porter collectie opzetten. De les die ik daarvan leerde was ‘Schoenmaker blijf bij je leest’. Het ontwerpen van een collectie is een ding. Het opzetten van een wereldwijd distributienetwerk is heel iets anders. Het is niet iets wat je er zomaar even bij doet. Toch was het een heel erg leerzame ervaring; ik heb veel nuttige contacten opgedaan.”
Ondernemer
Taminiau omschrijft zichzelf naast ontwerper nadrukkelijk als ondernemer. “Je kan wel op een zolderkamertje hele mooie dingen maken, en er zijn vast mensen die daar blij van worden, maar ik wil groeien. Ik wist al mijn hele leven dat ik voor mezelf wilde beginnen. Ik heb er bij mijn stages ook altijd voor gekozen om bij ontwerpers met een ondernemersvisie te werken. Om te zien hoe zij dingen oplosten.”
Toch kan hij geen ondernemers opnoemen die voor hem als voorbeeld dienen: “Iedereen is anders. Als je te veel naar een ander kijkt, groei je niet op je eigen manier. Ik vind (Vlaamse mode-ontwerper red.) Dries van Noten een mooi voorbeeld van hoe je in eigen beheer goed kan groeien. Maar hij heeft een heel andere achtergrond, zijn familie komt uit de textiel, dus die konden ook investeren. Dat heb ik niet. Ik moet dus mijn eigen manier vinden.”
Gedegen groei
In het vinden van die manier is Taminiau erg voorzichtig:“Ik houd van gedegen groei, heb ook nooit rare grote stappen gezet. Nu is het voor mij heel belangrijk om zelfstandig te zijn en zelfstandig te blijven. Een groot deel van mijn aandelen verkopen aan een groot bedrijf zoals Viktor en Rolf deden, zou ik nu niet willen. Het kan zijn dat ik daar over tien jaar heel anders over denk hoor. Maar op dit moment wil ik zo lang mogelijk zelfstandig blijven.”