Voor mensen met een kleine portemonnee is het vaak niet eenvoudig om een huis te bemachtigen. Goedkope woningen zijn dun gezaaid, terwijl er veel vraag naar is.
Om ook voor lagere en middeninkomens een eigen woning bereikbaar te maken, heeft de overheid enkele jaren geleden de koopsubsidie in het leven geroepen, die huizenbezitters tegemoet komt in de hypotheeklasten.
Bodem in zicht
Deze regeling gaat echter aan zijn eigen succes ten onder. Er wordt zoveel gebruik van gemaakt dat het subsidiepotje snel leeg raakt. De bodem is waarschijnlijk nog in de eerste helft van dit jaar bereikt en de minister van Volkshuisvesting heeft al aangegeven niet meer geld beschikbaar te stellen. Wie met subsidie een huis wil kopen, moet er dus snel bij zijn.
Strenge voorwaarden
De hoogte van de koopsubsidie hangt onder andere af van de hoogte van je inkomen, je vermogen en de grootte van de hypotheeklening. Naarmate je meer verdient, ontvang je minder. De subsidie wordt steeds voor vijf jaar vastgesteld. Daarna wordt gekeken of verlenging noodzakelijk is.
Zo’n Eigenwoningbijdrage - zoals de Koopsubsidie officieel heet - krijg je echter niet zomaar. Er gelden strenge criteria, zodat het geld alleen terecht komt bij degenen die wat krapper bij kas zitten. Bovendien wil de overheid voorkomen dat je tot je nek in de schulden raakt. Zo is de hypotheeksom gemaximeerd, mag hooguit de helft ervan aflossingsvrij zijn en moet je de rente voor een langere periode hebben vastgezet.
Ook dient over de hypotheek Nationale Hypotheek Garantie te zijn afgegeven, wat betekent dat de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen garant staat voor terugbetaling van je hypotheek als je in betalingsproblemen komt.
Wil je weten of je in aanmerking komt voor Koopsubsidie, surf dan naar de website van SenterNovem die de subsidieregeling uitvoert.
Starterslening
Kom je niet in aanmerking voor de koopsubsidie of is de regeling ten einde, dan is er een alternatief: de starterslening, een lening tegen zachte voorwaarden, die door gemeenten wordt verstrekt. Deze lening overbrugt het verschil tussen de koopsom van je huis en het maximale hypotheekbedrag dat je bij je bank kunt lospeuteren. De hoogte hangt af van je inkomen, je eigen vermogen en voorwaarden die de gemeente stelt.
De lening kent een rentevaste periode van vijftien jaar en loopt maximaal dertig jaar. De eerste drie jaar betaal je over het bedrag geen rente en aflossing. Daarna wel, als je inkomen voldoende is gestegen. Verdien je nog steeds onvoldoende, dan kun je –tegen betaling- een hertoetsing aanvragen.
Zo’n lening is niet gratis. Omdat deze in de vorm van een tweede hypotheek wordt afgesloten, ben je notariskosten verschuldigd. Daarnaast betaal je over de lening 1,5 procent afsluitkosten plus 0,55 procent voor de Nationale Hypotheek Garantie. Deze kosten zijn wel fiscaal aftrekbaar. Meer over de starterslening is te vinden op deze website.
Willekeur
Zo’n starterslening klinkt misschien interessant, maar zij steekt schril af tegen de koopsubsidie. Allereerst betreft het een lening en geen subsidie. Je moet het ontvangen geld dus terugbetalen.
Daarnaast doen veel steden en dorpen er niet aan mee: volgens woordvoerder Hans Andre de la Porte van de Vereniging Eigen Huis is dat zelfs de helft van de 435 gemeenten in ons land.
Zij die zo’n regeling wel kennen, hanteren verschillende voorwaarden. Zo lopen de leeftijdsgrens en de maximale hypotheeksom om voor zo’n lening in aanmerking te komen fors uiteen.
Vaak moet je in de stad of provincie werken of er zijn opgegroeid. Soms wordt de lening beperkt tot een specifiek nieuwbouwproject of ben je verplicht een huurwoning of kamer achter te laten. Er zijn zelfs gemeenten die je verplichten om bij verkoop van je huis een deel van de opbrengst terug te storten in de gemeentekas.
Kortom, er is de markt voor startersleningen sprake van grote willekeur.
Het einde van de koopsubsidie maakt het er voor starters dus niet makkelijker op om een koopwoning te bemachtigen. Lukt het je om, al dan niet met behulp van een starterslening, een betaalbaar huis te vinden, probeer dan zoveel mogelijk zekerheid in te bouwen, adviseert Hans Andre de La Porte.
"Kies voor een langere rentevaste periode van minimaal tien jaar. Zo blijven je woonlasten stabiel en word je niet plotseling geconfronteerd met een forse rentestijging. Zorg ook dat je een substantieel deel van je hypotheek aflost. Je bouwt dan vermogen op en maakt jezelf minder kwetsbaar bij tegenslagen. En probeer als het even kan Nationale Hypotheek Garantie aan te vragen, zodat je verzekerd bent bij problemen", aldus De La Porte.
Lees ook: