Het draait allemaal om het afdekken van risico's, zegt André Brouwers, trainer bij Alex Academy. "Wie op vakantie gaat, sluit een reisverzekering af, maar het afdekken van beleggingsrisico's vinden mensen zonde van hun geld. Ik vind dat naïef. Een zeer kleine minderheid van de beleggers doet het."
Wat je moet doen? Volgens Brouwers had je je van te voren moeten afvragen wat voor soort belegger je bent en wat de consequenties zijn van je strategie - als je die tenminste hebt. Ook moet je bedenken wat je financieel en mentaal aankunt.
"Veel beleggers beleggen in fondsen voor de lange termijn, maar als de markten naar beneden gaan, ontdekken ze dat de lange termijn in ieder geval mentaal te lang is. Ze gaan twijfelen aan hun strategie en dat is funest. De meeste beleggers kijken naar gemiddelde rendementen over een lange periode. In vergelijking met vijftig jaar geleden is de beurs inderdaad gestegen, maar wie heeft er nou vijftig jaar de tijd? Bovendien zegt deze statistiek alleen iets over het verleden en niet over de toekomst."
Wanneer je kiest voor een kortere periode dan weet je dat markten in die tijd kunnen stijgen én dalen. Nadenken over risicomanagement is dus essentieel. Wil je minimaal nog een x-bedrag overhouden, dan moet gewoon zorgen dat je op een bepaald niveau een rem inbouwt, vindt Brouwers. Een van de instrumenten om dat te doen, is de put-optie. Die is er voor allerlei koersen en met allerlei looptijden.
“Stel, je koopt een aandeel Koninklijke Olie van 28 euro en je krijgt buikpijn van het idee dat de koers onder de 25 euro wegzakt, dan koop je gewoon een recht op verkoop op een waarde van 25 euro."
Uiteraard betaal je hiervoor een premie die mede afhankelijk is van de volatiliteit van de beurs. Hoe onrustiger het op de beurs is, hoe duurder put-opties zijn.
Een put optie Koninklijke Olie op een koers van 25 euro die loopt tot december 2011 kostte deze week bijvoorbeeld 3,55 per aandeel. Op 24 mei - toen de beurzen nog rustig waren - kostte eenzelfde putoptie 2,60 euro. Eén put is goed voor honderd aandelen. Per honderd aandelen is de risicoverzekering de laatste maanden dus bijna honderd euro duurder geworden. Beleggers hadden ze dus moeten kopen toen ze goedkoop waren," aldus Brouwers.
"Stel dat je op een aandeel van 28 een verkooprecht op 25 euro koopt dat twee euro kost. Dan geef je in totaal dertig euro uit, maar heb je de zekerheid dat je 25 euro terugkrijgt. Je verliest dus maximaal zestien procent van je inleg. Dat is te overzien. Als je voor die zekerheid een paar euro betaalt, vind ik dat niet duur."
"Maar wat doet de gemiddelde particulier? Die gaat bij wijze van spreken een verzekering afsluiten als zijn huis al in brand staat, door als de aandelen al gezakt zijn, put-opties aan te schaffen. Dan wordt het een dure zaak, " aldus Brouwers. "Dat is een paniekreactie. Nu moet je je als belegger rustig positioneren."
Beleggingsstrateeg Ronald Doeswijk van Iris Research beaamt in ieder geval dit laatste: "Wij adviseren beleggers momenteel zeker niet helemaal uit te stappen. Ons advies is neutraal momenteel. Wij denken dat de kans op een grote correctie op de beurs niet zo groot is. Ondanks de crisis op de Amerikaanse hypotheekmarkt, is de Amerikaanse economie nog niet in recessie. Het kan zijn dat dat nog gebeurt, maar als dat zo is, dan heeft de FED nog voldoende mogelijkheden om in te grijpen. Door de rente te verlagen bijvoorbeeld."
Volgens Doeswijk moet je je nu alleen door middel van put-opties indekken tegen koersdalingen als je verwacht dat de beurs verder omlaag gaat. Of dit in het algemeen überhaupt verstandig is, hangt ervan af hoeveel risico je wilt nemen, zegt hij. “Het gaat wel ten koste van je rendement. Er zijn beleggers die van zekerheid houden. Die kunnen ook in garantiefondsen beleggen. Die werken in feite hetzelfde en bieden een gegarandeerd rendement, maar ja: hier betaal je wel voor.”
Spreiden moet je volgens Doeswijk wel altijd doen, over sectoren en over regio’s. Directeur beleggingen Alex Otto van Delta Lloyd zei woensdag in Het Financieele Dagblad echter dat spreiden op zichzelf ook risico’s met zich meebrengt: een nadeel van spreiden is namelijk dat er in een mandje aandelen ook altijd bedrijven zitten die het niet goed doen.
“Dat klopt,” zegt Doeswijk, “maar het punt is juist dat je van te voren niet met zekerheid kunt zeggen welk bedrijf het slecht doet.” Spreiding dempt je risico, maar niet je rendement. Je kunt met gespreide portefeuilles heel mooie resultaten behalen: “Wie vanaf begin dit jaar in de AEX had belegd, had 7,3 procent rendement behaald, nog exclusief dividend. Dat haal je op geen enkele spaarrekening.”
“Dat de AEX nu even hard omlaag gaat, hoort erbij," zegt Doeswijk. "Geen enkele belegging is zeker, ook die in goud of vastgoed niet. Voor het risico dat zij lopen, worden beleggers nu juist beloond.”
Brouwers vindt alleen spreiden niet voldoende: "Als je spreidt, ga je gespreid naar beneden." Hij wijst erop dat je ook een mandje opties kunt nemen die de risico’s van een gespreide aandelen portefeuille op te vangen.


