Meestal als je ergens in dienst treedt krijg je eerst één of meerdere contracten voor bepaalde tijd, en wil een werkgever niet meteen een vast contract met je aangaan. Eenmaal een contract van onbepaalde tijd betekent namelijk dat de werkgever veel moeilijker van jou af kan.

Maar hoeveel tijdelijke contracten kun je eigenlijk als werkgever achter elkaar met een werknemer sluiten? Is dat onbeperkt of zit daar een maximum aan? En kun je in onderling overleg afwijken van de wettelijke regels daarover?

Maximaal drie tijdelijke contracten
Om te beginnen: in Nederland bestaat zogenoemde “contractsvrijheid”. Iedereen mag met elkaar afspreken wat hij/zij wil. Deze vrijheid wordt in sommige gevallen echter wel beperkt door de wet. Vooral in arbeidsrelaties heeft de wetgever grenzen gesteld aan deze contractsvrijheid, om de zwakkere werknemer tegen de sterkere werkgever te beschermen. Dat betekent dat een werkgever niet alles zomaar met een werknemer kan afspreken, maar zich daarbij aan een aantal regels te houden heeft.

Één van die beschermende bepalingen in ons arbeidsrecht is dat een werkgever niet onbeperkt tijdelijke contracten met een werknemer mag afsluiten. Een werkgever mag in beginsel maximaal drie contracten van bepaalde tijd achtereen afsluiten met een werknemer, met een maximum van 36 maanden bij elkaar opgeteld.

Tussentermijn drie maanden
Het vierde contract of het contract waarmee de periode van 36 maanden wordt overschreden wordt dus automatisch een contract van onbepaalde tijd, óók als partijen dat in de overeenkomst anders hebben afgesproken.

De verschillende contracten mogen elkaar, voor toepassing van deze regel, niet met tussenpozen van meer dan drie maanden hebben opgevolgd. In dat laatste geval begint de telling weer opnieuw te lopen.

Afwijking in cao
Bij een cao-regeling kan van deze regel afgeweken worden ten nadele van de werknemer. In de horeca bijvoorbeeld zie je dat méér dan drie tijdelijke contracten kunnen worden afgesloten met een werknemer. Soms is het zelfs zo dat deze regel geldt bij een reeks arbeidsovereenkomsten tussen een werknemer en verschillende werkgevers, indien die werkgevers redelijkerwijs kunnen worden gezien als elkaars opvolgers.

Denk bijvoorbeeld aan het geval waarin een werknemer door een uitzendbureau wordt uitgeleend aan een werkgever, die daarna met die werknemer rechtstreeks een contract aangaat. Het contract met het uitzendbureau telt dan – in sommige gevallen – mee in de telling van de reeks arbeidsovereenkomsten op een rij.

Tot de laatste dag
Heb je als werknemer een contract van bepaalde tijd gesloten en is daarin niets geregeld over de opzegging daarvan, dan eindigt het contract van rechtswege na het verstrijken van de afgesproken duur van die overeenkomst. Dat betekent dus dat de werkgever in principe op de laatste dag van de overeenkomst kan laten weten of het contract zal worden verlengd.

Vindt er geen gesprek plaats over een eventuele verlenging, en blijft de werknemer zonder protest van de werkgever ook na het verstrijken van de afgesproken periode werken, dan is de overeenkomst stilzwijgend verlengd. Deze verlengde overeenkomst is dan aangegaan op dezelfde voorwaarden als de eerdere overeenkomst, voor dezelfde tijd met een maximum van één jaar.

Zou het daarmee het vierde contract voor bepaalde tijd worden of is een periode van 36 maanden verstreken, dan verandert de arbeidsovereenkomst automatisch in een overeenkomst van onbepaalde tijd, zoals hiervoor uitgelegd.

Is er wél iets geregeld in de arbeidsovereenkomst over opzegging, dan hebben partijen zich aan de afgesproken opzegtermijn te houden. Wordt niet tijdig door de werknemer of de werkgever opgezegd, dan geldt ook in dat geval dat de overeenkomst “stilzwijgend” wordt voortgezet.

Niet eenzijdig openbreken
Terugkomend op de lezersvraag: het is het altijd mogelijk om een contract “open te breken” en andere afspraken te maken. Daarvoor moeten echter wel beide partijen het met elkaar eens zijn.

Eenzijdig kan dat niet zomaar worden afgedwongen. Of het verstandig is, hangt af van de omstandigheden van het geval. Als een werkgever een tijdelijk contract wil openbreken om het te verlengen, kun je je bijvoorbeeld afvragen waarom hij niet wacht totdat dit contract afloopt en dan besluit het al dan niet te verlengen.

In ieder geval is het goed om als werknemer in je achterhoofd te houden dat een werkgever niet zomaar ongelimiteerd tijdelijke contracten met een werknemer kan afsluiten.