Indexbeleggers claimen dat het gros van de beleggers op langere termijn niet in staat is beter te presteren dan het brede gemiddelde van de beurs. Niet in de laatste plaats omdat actief handelen hoge kosten met zich meebrengt.
Jacques Wintermans, mede-directeur bij fondshuis Meesman Index Investments, probeert in het boek 'De schitterende eenvoud van indexbeleggen' voor een breder publiek duidelijk te maken waarom saai beleggen loont. Zeven vragen aan de auteur.
In toplijstjes van beleggingsfondsen zijn er altijd een paar die het beter doen dan de AEX of een wereldindex voor aandelen, zoals recent Skagen Global en Carmignac Investissement. Op wat voor termijn verslaan algemene beursindices dit type fondsen?
Wintermans: "Het probleem met toplijstjes is dat ze de top van de ijsberg laten zien. De enkele winnaars krijgen altijd zeer veel publiciteit, maar indexfondsen verslaan op jaarbasis vier van de vijf actief beheerde beleggingsfondsen. Na tien jaar loopt dat op naar negen van de tien fondsen. Er zullen altijd enkele fondsen zijn die de index overtreffen, het is alleen zeer lastig om toekomstige winnaars vooraf te selecteren. Ook professionele beleggers bij pensioenfondsen slagen daar niet goed in."
In uw boek stelt u dat wie instapt bij succesvolle, actief beheerde beleggingsfondsen, extra risico loopt. Waarom is dat zo?
"Recent succes bij actief beheerde fondsen, bijvoorbeeld in de afgelopen drie jaar, zorgt voor extra risico. Meestal is dit meer geluk dan wijsheid. De kans dat het succes ineens omslaat in verlies is relatief groot. Je kunt het geld vaak beter stoppen in fondsen die het wat minder hebben gedaan de laatste tijd."
Heeft indexbeleggen voordeel in tijden van crisis?
"Gemiddeld genomen hebben indexfondsen een lager risicoprofiel. Bij een wereldfonds als Fortis Obam zag je in 2008 een forse daling, maar dit fonds belegt relatief veel in kleinere bedrijven en opkomende markten. De vergelijking met de MSCI Wereldindex is bij Fortis Obam daarom niet helemaal juist. Ik heb overigens meer respect voor Fortis Obam, dat bewust een afwijkende strategie kiest, dan voor actieve beleggingsfondsen die dicht tegen de index aan blijven zitten."
Hoezo?
"Het gros van de Nederlandse, wereldwijde beleggingsfondsen, zoals die van Robeco, Aegon, SNS en ING, doet vrijwel hetzelfde als de wereldindex. Toch vragen deze fondsen hoge beheervergoedingen."
Gespreid instappen is volgens u de beste strategie. Maar wat moeten beleggers doen die nu een bedrag beschikbaar hebben?
"In algemene zin kun je zeggen dat zolang beleggers voor aandelen minder dan twintig keer de bedrijfswinst betalen, er reden is om in het diepe te springen. De mooiste momenten zijn alweer voorbij door de koersstijgingen van de afgelopen maanden, want de koers-winstverhoudingen liggen momenteel weer rond de twintig. Wie echter op een hoger rendement mikt dan sparen en geld voor langere tijd kan missen, kan wellicht toch de stap naar de beurs wagen."
Als vuistregel stelt u dat beleggers kunnen rekenen op 8 procent rendement op aandelen per jaar, voor de lange termijn. Sommige experts stellen dat 6 procent rendement per jaar realistischer is.
"Als het een tijdje slecht gaat, duiken er altijd verhalen op dat het nooit meer zo wordt zoals vroeger. En omgekeerd verschijnen in goede tijden vaak verhalen dat het nu fundamenteel anders is, dat we in een nieuwe economie leven. Daar moet je overheen stappen. Zolang de wereld vast houdt aan een vrije, ondernemingsgewijze productie, lijkt het me redelijk dat bedrijfswinsten zorgen voor een gemiddeld rendement van 8 procent op aandelen en 4 procent op kortlopende staatsleningen."
Hoe belegt u zelf?
"Ik heb 80 procent van mijn beleggingen in indexfondsen zitten. Daarnaast beleg ik een beetje in private equity en waag ik af en toe een gokje. In 2008 ben ik contrair ingestapt in de financiële sector, maar die kosten zijn nog niet terug verdiend."