Volgens een woordvoerder van DNB "vallen minderjarige kinderen zelfstandig onder de depositogarantieregeling, als zij rekeninghouder zijn".

Voor wie een crisis bij zijn bank vreest, en beschikt over meer dan 38.000 euro, kan daarom overwegen het vermogen te spreiden over spaarrekeningen van het kind, of de kinderen.

Hierdoor is te allen tijde 38.000 euro per kind, per bank gegarandeerd door het depositogarantiestelsel van de overheid. Dat garandeert dat je 20.000 euro sowieso terugkrijgt als je bank omvalt, en 90 procent van de volgende 20.000, ofwel 18.000 euro. Bij elkaar is dus een maximum van 38.000 euro per persoon, per bank gegarandeerd.

Daarnaast bestaat de mogelijkheid om geld als een schenking op de spaarrekening van het kind te zetten. Ouders mogen hun kind jaarlijks 4.479 euro belastingvrij schenken. Is je kind tussen de 18 en 35, dan mag je eenmalig 22.379 euro belastingvrij schenken.

Grootouders mogen hun kleinkind jaarlijks 2.688 euro belastingvrij schenken.

Gaat het om minderjarige kinderen, dan hebben de ouders in principe altijd toegang tot de gespaarde tegoeden. Dit kan per bank, en per spaarrekening echter verschillen, want het ene spaarproduct is anders dan het andere.

Het principe staat dus, maar let per bank en per aparte spaarrekening toch even op de kleine lettertjes.

Het is overigens ook raadzaam om na te gaan hoe het spaargeld op de rekening van je minderjarige kind belastingtechnisch impact heeft.

Door sommige spaarvormen wordt het spaargeld van het minderjarige kind als vermogen opgeteld bij box 3. Dit jaar is het heffingsvrije vermogen in box 3 20.014 euro per persoon, en 40.028 euro voor partners.

Ruim meer dus dan de 38.000 euro uit de Depositogarantieregeling.